maandag 3 april 2017

Straatnamen

door Cees Roodnat


Er kwam dit jaar een nieuw boek uit over de herkomst van straatnamen, één van mijn favoriete onderwerpen. Ik droom er wel eens over. In zo’n droom belt onze burgemeester mij dan met de vraag of ik voor alle straten, lanen of plantsoenen een nieuwe naam wil bedenken. “U krijgt een maand de tijd en als het af is noemen we ook een straat naar u.” 


Na de Tweede Wereldoorlog mocht
de Willem de Zwijgerlaan gewoon
 weer Wilhelminalaan heten.
Ach ja, toen ons dorp nog een peuter was leek het zo simpel. Het dorpsplein heette de Brink, de belangrijkste straat de Hoofdstraat, de uitvalswegen heetten naar hun bestemming Amsterdamse straatweg, Oude Utrechtse weg of Eemnesserweg. De Ooster-, Noorder- of Westerstraat of Middellaan (nu Julianalaan) naar hun richting ten opzichte van de Brink. Straatnaamgevers van vroeger deden nog niet nodeloos ingewikkeld. Ze noemden een straat naar wat je er vond: Schoolstraat, Fabriekstraat, Bruglaan, Bosbadlaan, Kerkstraat of Kerkhoflaan. Of naar de bedrijvigheid die er plaatsvond: Smitssteeg of Nijverheidsstraat. En toen het dorp wat groter werd naar de grote villa’s die er stonden: Cantonlaan, Pekinglaan, Nieuw Schoonoordstraat.


Maar ook in het geven van bijnamen bleken Barinezen uiterst vindingrijk. Wat denkt u bv. van De Reet van Egypte (een doodlopend zijstraatje van de Nieuw Baarnstraat), de Reet van Nagel (nu de ingang naar de parkeerplaats in de Laanstraat), het Moffenplein (hoek Westerstraat/ Oosterstraat, waar ooit Duitse muzikanten in pension zaten), de Jeneversteeg (nu Laandwarsstraat) of het Donkere laantje (nu Parkstraat, ooit Beukenlaantje)? Toch wist de toenmalige postbode er wel raad mee. Maar ja, de bouwwoede vanaf 1880 maakte het bedenken van namen er niet eenvoudiger op. Veel namen van oude wegen of straten verdwenen of kregen een andere naam. En die nieuwe namen hadden nog maar weinig van doen met wat er op die plekken vroeger was, stond, of groeide. In de nieuwe villaparken werd het Oranjehuis hofleverancier van lanen of plantsoenen. Hoewel Wilhelmina, prinses Juliana, prins Bernhard en prinses Beatrix vanaf 1942 van de bezetter tot na de bevrijding even het veld moesten ruimen voor Willem de Zwijger, Maurits, Frederik Hendrik en Gustaaf Adolf. Zeehelden, staatslieden, schilders, componisten en professoren die met Baarn weinig van doen hadden gaven hun naam aan nieuwe wijken. In buurten met een  bomen- of bloemennaam groeien helaas geen acacia’s, berken, anemonen of begonia’s. En hebt u op de Eem wel eens een gondel, bark of fregat zien afmeren? Herinnert u zich J.F. Kennedy die op de Brink “Ich bin ein Barinees” riep?
Het straatnaambordje van de inmiddels verdwenen
 Dijkweg. Deze weg liep van de Berkenweg
naar de Zandvoortweg, parallel aan de
Elisabethstraat en Johannalaan.

Toegegeven, door al die uitbreidingen of inbreidingen in Baarn is het bedenken van passende straatnamen er niet eenvoudiger op geworden. En “Eigen dorp eerst” krijgt ook al gauw een bijsmaak. Maar iets meer gevoel voor de betekenis van een plek, het belang van een dorpsgenoot, de historie van een gebeurtenis in ons dorp, zou aanstaande straatnaambedenkers sieren. De M.C. Escherlaan, Meester de Groothof, de Ruyterhof, Meester Pluimhof, Plantage, Schouten- en Lindenhof, maken duidelijk dat het kan. Begin 2015 werd ik op mijn wenken bediend toen de gemeente een prijsvraag uitschreef om een straatnaam te bedenken voor de plek waar woningen en een nieuw schoolgebouw zouden worden gebouwd op het terrein van de voormalige gemeentewerf. Die staan er inmiddels. Het college kreeg toen meer dan 60 namen binnen. Uit de tien genomineerden kwam de naam “De Oude Werf” als m.i. terechte winnaar te voorschijn. Zo’n prijsvraag zou de gemeente vaker moeten uitschrijven. Het betrekt de burger bij de achtergrond van lege plekken in het dorp en maakt een creativiteit los, waaraan het veel formele straatnaamcommissies vaak ontbreekt. Te veel kansen zijn al verkeken. Waar ooit Conimex stond vindt u dus geen ketjaplaantje of kroepoeksteeg. Onze vrouwelijke “schimmel-professor” Johanna Westerdijk wordt wel herdacht dit jaar, maar is tot op heden ‘onbestraat’ gebleven. Ook dorpsgenoten Lodewijk van Deyssel, Hella Haasse en haar vader vindt men nog onvoldoende straatwaardig. Dat belooft weinig goeds voor Ronald Giphart en vriend Bert Natter later.

Het straatnaambordje “Elisabethstraat” met haar naamgeefster
Elisabeth Overeem. Er bestaat nog een klein stukje van die straat
 en dat heet nu Populierenlaan

Gelukkig heeft de gemeenteraad de regel dat aan voor ons dorp verdienstelijke personen geen straat mag worden gewijd weer losgelaten. Ik heb burgemeester Röell niet teruggebeld dat ik zijn verzoek in welwillende overweging wil nemen. Het was maar een droom tenslotte. En die komen (net als veel passender straatnamen) niet altijd uit, zong Marco Borsato al.









Geraadpleegd: 
Dr.C.G.L.Apeldoorn. Baarn, de straat waarin wij wonen. Uitgeverij BaarnscheCourant, 2003
René Dings, Over straatnamen met name. Uitgave Nijgh & Van Ditmar, 2017.



Cees Roodnat












Dit verhaal verscheen op maandag 3 april 2017 in de Baarnsche Courant  in de rubriek

’Vandaag is morgen alweer gisteren (bruggetjes naar vroeger)’

Deze rubriek is een samenwerking tussen de Historische Kring Baerne en Groenegraf.nl    



Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

Geïnspireerd geraakt door onze oud Baarn-verhalen?
Kom in actie en deel ook uw herinneringen op Groenegraf.nl.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen