maandag 25 mei 2015

Een vreemde onderduiker genaamd Piet

Evert van Dijk en Cornelia van Wijngaarden
Bron: mevr. C. Overeem-van den Brink
door Eric van der Ent

Verschillende gezinnen in Baarn namen tijdens de Tweede Wereldoorlog onderduikers in huis. Die gezinnen deden dat met gevaar voor eigen leven. Evert van Dijk (1896-1962) woonde tijdens de oorlog aan de Israëlsstraat 16 in Baarn. Hij was werkzaam bij de spoorwegen. De Israëlsstraat lag in die tijd nog de rand van Baarn. Voorbij deze straat begon de polder. Afgelegen genoeg om een onderduiker te verstoppen. En zo gebeurde het ook. Onderduiker Piet werd ondergebracht bij Evert van Dijk en zijn echtgenote Cornelia van Wijngaarden, maar als u denkt dat Piet een man was, dan heeft u het mis!

Gerrit Wegerif met zijn kinderen en onderduiker Piet
Bron: mevr. C. Overeem-van den Brink

Gerrit Wegerif en zijn echtgenote
Catharina van der Pol
Bron: Dhr. J.A.M. Pater
Gerrit Wegerif (1909-1978) woonde in de oorlog op een boerderij aan de Zandvoortweg 50 in Baarn. De Duitsers vorderden in de oorlog vrijwel alle vervoersmiddelen, zoals fietsen, bromfietsen, motorfietsen en auto's, maar ook paarden moesten worden ingeleverd. Boer Wegerif was echter niet van plan om hun paard Piet over te dragen aan de Duitsers. Piet moest verborgen worden. Evert van Dijk uit de Israëlsstraat bood aan om het paard Piet in zijn schuur te verbergen. Omdat de Israëlsstraat de laatste straat was voordat de polder begon was er geen haan die er naar kraaide. Alleen de buren wisten ervan, naar die hielden hun kaken stijf op elkaar. Zij zouden Van Dijk niet verraden. 's Avonds in het donker bracht boer Wegerif hooi om Piet te voeren, want hooi had de familie Van Dijk niet. 

Piet is nooit gevonden. Tijdens de oorlog werd hij vertroeteld en verwend. Begin mei, na de oorlog kwam Gerrit met zijn kinderen het paard weer halen, en daar is boven afgebeelde foto van gemaakt.

Een bijzonder verhaal over een vreemde onderduiker!


Met dank aan mevr. C. Overeem-van den Brink voor dit verhaal.

Eric van der Ent

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

zaterdag 23 mei 2015

De Tweede Wereldoorlog in Baarn (5)

door Wim Velthuizen


Dit verhaal vanaf het begin lezen? Klik hier voor deel 1

Dit is geen algemene politieke of economische beschouwing, omdat daarover al veel is gepubliceerd. Hier beperken wij ons tot een aantal lokale gebeurtenissen, opgetekend uit de monden van Baarnaars. Alle genoemde namen zijn echt. De archieven van de Historische Kring Baerne gaven veel informatie. Daarnaast zijn veel boeken en het internet gebruikt om het volgende verhaal te vertellen en een indruk te geven van de leefomstandigheden in Baarn in de jaren 1940-1945. De basis van dit verhaal is ontstaan toen de Historische Kring Baerne een hoofdstuk over de Tweede Wereldoorlog opnam in het boek 1000 jaar Baarn.



Jodenvervolging

In de nacht van 9 op 10 november 1938 werden in Duitsland joden aangevallen en werden talloze synagogen, winkels en bedrijven van joden in de brand gestoken en vernield. Deze anti-joodse houding werd in ons land, dus ook in Baarn merkbaar en vooral zichtbaar toen de jodenster op 3 mei 1942 verplicht werd voor alle joden van zes jaar en ouder. Er stond een straf van duizend gulden of zes maanden hechtenis op het niet dragen Bij enkele joodse inwoners van Baarn werden in 1942 en 1943 ruiten ingegooid, de kristalnacht in Baarn! De arrestatie en deportatie van joden werd ook hier in gang gezet, zodat zij uit het openbare leven zouden verdwijnen. Velen waren het daar niet mee eens. Commissaris van politie B.F. Kipp, wilde niet meewerken aan de Jodenvervolging en werd daarom op 30 september 1942 uit zijn functie ontheven. In 1942/1943 zijn tientallen Baarnse joden gearresteerd.

Ondanks de grote risico’s die men daarbij liep, werden joden verborgen. Er waren helaas ook foute Baarnaars, die de onderduikadressen meldden aan de bezetter. Bij de familie van Diermen in de Nijverheidsstraat zat een joodse familie op zolder.

Jongeren, zoals Wim Timmer en zijn zus, brachten voor het verzet voedselbonnen. Wim vertelde de onderduikers dan ook wat er in Baarn gebeurde, want de joden konden de zolder niet verlaten of voor het raam staan. Voor alle zekerheid kregen joodse onderduikers schuilnamen, net als verzetsmensen. Dat was belangrijk, want jongens als Wim kenden de adressen waar ze bonnen moesten brengen en wisten wie daar ondergedoken zaten. Ze wisten dan niet de echte namen van de onderduikers. Zo heette Ralf Polak “Fonie”. Hij zou de oorlog overleven en een bloeiende stoffenzaak in de Laanstraat opbouwen. Miep, zijn verloofde kreeg blindedarmontsteking, maar als joodse kon ze niet naar het reguliere ziekenhuis aan de Torenlaan. Gelukkig bood het noodhospitaal aan Nassaulaan 58 uitkomst. Gelukkig voor Miep en het personeel waren daar geen verklikkers.

Volgens overleveringen maakte de wegenbouwfirma Hoogenbirk in Laren speciale ijzeren staketsels die op de rails werden bevestigd, waardoor een trein ontspoorde. Zo zou een locomotief van een Jodentransport bij Baarn uit de rails zijn gelopen, waardoor enkele joden konden ontsnappen.

Bij café Het Kasteel van Antwerpen in de Laanstraat werden de fietsen teruggestolen van de vaak dronken Duitse bezoekers. Die fietsen werden soms gebruikt om joodse onderduikers naar andere plaatsen te brengen.

Op de Piet Heinlaan woonde Dik van de Veen. Vlak naast het Cantonspark, dat in de oorlog regelmatig een mooie schuilplaats voor onderduikers bood. Naast het huis stond een kleine hooiberg voor Sik de geit van Dik. De hooiberg was een goede schuilplaats voor onderduikers. Zo was er ook een keer een joodse onderduiker die het voorzien had op Sik. Dik was thuis gekomen van zijn werk en wilde Sik voeren. Helaas was Sik al op pan hoogte en ritueel geslacht door de joodse onder duiker. Hierdoor kreeg Dik zo de geest, dat hij de onderduiker met zijn klomp zo’n pak slaag gaf dat hij naar buiten vluchtte. Die was meteen zijn schuilplaats kwijt.

Er waren veel Baarnse gezinnen die joden verborgen hielden. Zo ook bij de familie Timmer, die lange tijd in onzekerheid verkeerde of de joodse onderduikers, die door het verraad van een beruchte Baarnse NSB-er uit huis waren gehaald, nog wel of niet in leven waren. Helaas bleek later dat geen van hen deze gigantische moordpartij had overleefd; allen waren in Sobibor omgekomen

Soms gingen de ondergedoken joodse kinderen met geblondeerd haar gewoon naar school met de kinderen van het gezin waar ze verborgen werden. Dan waren het zogenaamde weeskinderen uit het gebombardeerde Rotterdam. Dit was ook het geval bij de familie Birkhoff in de Bremstraat, waar Sara als gezinslid mee leefde. Zij heeft de oorlog overleefd en nog regelmatig contact met haar redders gehad. De Yad Vashem onderscheiding is aan de heer en mevrouw Birkhoff-Hund en andere Baarnaars uitgereikt, waaronder ook Arie en Annie Gaarenstroom. Het is een onderscheiding van de staat Israel voor “HOLOCAUST HEROES WHO RISKED THEIR LIVES TO SAVE PERSECUTED JEWS.” (Helden van de Holocaust, die hun leven waagden om vervolgde joden te redden.)


Het Yad Vashem document van de familie Birkhoff.
Zij waren niet de enige Baarnaars die joden verborgen.


Dokter Meihuizen

Dr. Samuel Meihuizen
(1878-1945)
Aan de Dalweg woonde dokter Samuel Meihuizen. Hij was begaan met het lot van de joden en had maar liefst zes joodse onderduikers in huis. Wie betrapt werd op het verbergen van joden kon op zeer strenge straf rekenen. Als geliefd arts met veel contacten wist hij zelfs in het moeilijke jaar 1944 voor zijn joodse onderduikers aan voedsel te komen. Eén van hen maakte echter misbruik van de gastvrijheid. Toen die werd betrapt op het stelen van brood uit de voorraadkast zette dokter Meihuizen hem uit huis. De jood ging naar de Ortskommandant. Op voorwaarde dat hij zelf niet vervolgd zou worden vertelde hij over de situatie bij dokter Meihuizen. Toen deze terugkwam van zijn ronde was het huis leeg. Zijn vrouw en de joden waren gevangen genomen. Ook de dokter zelf werd gearresteerd. Zijn vrouw werd losgelaten, maar hijzelf kwam in het concentratiekamp Mauthausen terecht. Een overlevende vertelde hoe de dokter daar, ondanks het gebrek aan medicijnen nog velen heeft geholpen waar hij kon. Een maand voor de bevrijding van het kamp, overleed dokter Meihuizen op 6 maart 1945 aan uitputting en koorts. Zijn naam staat vermeld in de ‘Erelijst van Gevallenen 1940-1945’ in de Tweede Kamer in Den Haag, evenals op de plaquette bij het vrijheidsmonument in Baarn.

De heer H.A. Onclin uit Baarn heeft onderzoek gedaan naar joodse Baarnaars in de eerste helft van de 20ste eeuw. Zo woonde de familie Cardozo op Zandvoortweg 90, waarover het Baarnse bevolkingsregister vermeldt: “ in 1942 naar Westerbork vertrokken”. De Duitsers hielden, ook in de kampen, een nauwkeurige administratie bij. Daaruit blijkt dat zowel moeder Judith als dochter Sara Cardozo op 21-10-1942 in concentratiekamp Auschwitz in Polen overleden. We weten nu maar al te goed dat dit in de gaskamer van het beruchte kamp was. Een ander voorbeeld is de familie Krant van Brinkstraat 14. Het Baarnse bevolkingsregister vermeldt over zoon Jozef dat hij 07-04-1943 niet meer in de gemeente aanwezig was. Jozef Krant werd toen ambtshalve uitgeschreven met de aantekening “Vertrokken Onbekend Waarheen”. Door de Duitse ‘gründlichkeit’ weten we vrij nauwkeurig wie wanneer stierf in een kamp. Vader Markus Krant, moeder Jacomina en zoon Jozef stierven kort na elkaar in het ‘Vernichtungslager’ Auschwitz. Zo zijn van veel verdwenen joden gegevens bewaard.

Rita Barmé
(1923-1942)

Dit zijn slechts enkele van de vele tientallen gevallen. Ook niet-joodse Baarnaars werden getroffen: Rita Barmé werd gearresteerd omdat ze joden hielp. Zij onderging het zelfde lot als dokter Meihuizen en Rita overleed op 15-12-1942 te Auschwitz. (Haar broer Richard wist na veel omzwervingen uiteindelijk via Zwitserland en langs de pilotenlijn naar Engeland te ontkomen. Hij is als geheim agent op 2 februari 1944 bij Rotterdam per parachute geland. Helaas werd zijn radio uitgepeild en op 8 maart 1945 is hij gefusilleerd. Zijn stoffelijk overschot is na de oorlog op het ereveld in Loenen herbegraven. Ook zijn naam staat op de plaquette bij het vrijheidsmonument op het Stationsplein.









Binnenkort in deel 6: 'Oorlogsgeweld'

Eerdere delen van dit verhaal lezen? 

Klik hier voor deel 2
Klik hier voor deel 3
Klik hier voor deel 4

De serie "De Tweede Wereldoorlog in Baarn" is opgetekend door Wim Velthuizen. Gedeeltes van deze serie zijn gepubliceerd in het prachtige boek '1000 jaar Baarn' uitgegeven door de Historische Kring Baerne. Aangezien de ruimte in het boek beperkt was, kon het verhaal slechts deels opgenomen worden in het boek. Het complete verhaal wordt door publicatie van deze serie via de website van Stichting Groenegraf.nl gedeeld, met vriendelijke toestemming van de Historische Kring Baerne. Wij willen hiervoor Wim Velthuizen en de HKB hartelijk danken!

Website Historische Kring Baerne: www.historischekringbaerne.nl

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

donderdag 21 mei 2015

Distributie en Stamkaart uit Baarn uit 1939

een zilverbon als wettig betaalmiddel

Tijdens de Oorlogsperiode 1940 -1945 werd er in Baarn ook gebruik gemaakt van diverse soortenkaarten met bonnen. Zoals de Textielkaart, de distributie Stamkaart, de tweede distributie Stamkaart en zelfs een "zilverbon". In de Tweede Wereldoorlog ging alles "op de bon". Maar hoe zat dat ook al weer!

Op de Stamkaart kon iedere maand een distributiekaart worden opgehaald bij het distributiekantoor. Deze kaart kwam in het najaar van 1939 in gebruik, maar raakte al spoedig vol, daarom werd de stamkaart voorzien van inlegvellen. Die bonnetjes moest je inleveren, en dan kreeg je spullen zoals brood en suiker, maar ook brandstof en schoenen. Alles werd heel precies bijgehouden en aangekruist op de bonkaart. Hierna zie je een stamkaart afgegeven door de Gemeente Baarn op 20 oktober 1939 aan de heer A. de Vries, geboren op 6 april 1923 te Amsterdam en woonachtig op Penstraat no: 55.



Distributie Stamkaart uit 1939 afgegeven door de gemeente Baarn




















Distributie Stamkaart uit 1939 aan de binnenzijde
De tweede Distributie Stamkaart
In het begin van 1944 kwam door vervalsingen en diefstallen uit distributiekantoren zoveel valse persoonsbewijzen, distributiekaarten en andere papieren in omloop dat de registratie van de Duitsers vrijwel waardeloos was geworden. Dat beseften ook de Duitsers, reden dat er een nieuwe distributiestamkaart werd ingevoerd, paniek bij het verzet. De nieuwe stamkaart zou alleen geldig zijn in het eigen district, dus de woonplaats die officieel op het persoonsbewijs stond aangegeven. De stamkaart moest door ieder persoonlijk in zijn woonplaats worden opgehaald. Op het persoonsbewijs werd dan een zegel geplakt, waarvan het nummer correspondeerde met dat op de nieuwe stamkaart, elke gemeenten had een eigen nummer. Bij de uitreiking hielden Duitsers en NSB’ers toezicht. Lange registers van gezochte personen waren er aanwezig. Wie toch ging liep in de val. Hierna zie je een tweede stamkaart afgegeven door de Gemeente Baarn op 24 mei 1945 aan mevrouw J.H. Boekholt - de Vries, geboren op 4 augustus 1903 te Baarn en woonachtig op Penstraat no: 55.
     
De tweede distributie Stamkaart uit 1945 afgegeven door de gemeente Baarn
voorzien een zegel

De tweede distributie Stamkaart uit 1945 aan de binnenzijde
Het paniek van het verzet duurde niet lang, al op 25 januari 1944 werd de kluis van het gemeentehuis in Tilburg gekraakt. De buit 6000 zegeltjes met het woord Tilburg en 99.000 blanco stam kaarten. De laatste konden, na afstempeling, dienen voor iedere willekeurige gemeente. Op 17 mei 1944 leverde de overval bij drukkerij Hoitsema in Groningen nog een 133.450 zegeltjes op. Toen de uitreiking van de tweede distributiestamkaart in juni 1944 was afgerond waren er al voldoende zegeltjes ‘gestolen’.
bonkaart voor algemeen en vlees
De distributie Stamkaart is tevens het bewijs van opneming in het bevolkingsregister. Deze Stamkaart werd ingevoerd met ingang van september 1939 en was grijs van kleur met blauwe opschriften en lijnen. De stamkaart was geen bonkaart, maar het basisdocument van de distributie, waarop bonkaarten , aanvraag-formulieren en persoonsbewijs konden worden verstrekt cq. aangereikt. Deze uitreikingen werden door middel van een aantekening, code of stempel in één van de 297 vierkantjes op deze kaart aangetekend. Later kwamen er ook nog inlegvellen bij die in de stamkaart werden vastgeniet.
Iedereen (baby's niet uitgezonderd) die ingeschreven was, of bij de geboorte werd ingeschreven, kreeg via de ambtenaar van de burgerlijke stand een stamkaart uitgereikt.


In 1939 (dus na de uitreiking van de stamkaart) werd een Rijks-distributiekaart uitgereikt aan allen die in het bevolkingsregister waren ingeschreven. Bij wijze van proef kwam in het najaar van 1939 de suiker op de bon. De rantsoenen waren zeer ruim en suiker was toch min of meer een luxe artikel en werd zeer matig gebruikt. Bovendien kochten de grens-bewoners langs de Belgische grens hun suiker in Uikhoven of van de smokkelaars die deze suiker langs de deuren verkochten. Deze gesmokkelde suiker kostte bovendien slechts een kwart van de prijs in Nederland. De proef was dus voor de Nederlandse regering geslaagd.
Al vrij kort na de Duitse bezetting kwamen levensmiddelen als eerste op de bon. Voor bijna al het dagelijkse basisvoedsel waren er aparte delen op deze bonkaarten , voor bijvoobeeld vlees, brood, boter, melk en aardappelen. Ook waren op deze bonkaarten bonnen voor 'algemeen' of 'reserve' en deze werden dan aangewezen voor bijvoorbeeld stroop. Aparte kaarten waren er voor goederen zoals textiel, brandstof, groente, fruit, vis, tabak, versnaperingen, vet en petroleum. Bonkaarten werden uitgereikt naar bepaalde leeftijdsgroepen en geslacht, bijvoorbeeld voor meisjes tot vier jaar, of voor mannen van 21 jaar en ouder.
De bonkaarten waren in verschillende soorten ingedeeld naar leeftijd:
A-kaarten voor personen van 20 jaar en ouder
B-kaarten voor personen van 14 tot 20 jaar
C-kaarten voor personen van 6 tot 14 jaar
D-kaarten voor personen van 2 tot 6 jaar
E-kaarten voor personen van 0 tot 2 jaar.
Iedereen kreeg of een rookkaart of een snoepkaart of een rook/snoepkaart per leeftijd, één keer per jaar werden kolenkaarten uitgereikt: één per gezin, mijnwerkers uitgesloten. Zwangere vrouwen kregen extra voedselbonnen op attest van de vroedvrouw. De boeren werden als zelfverzorgers beschouwd en van hun bonkaarten werden bij de uitgave de melk en vleesbonnen (of brood) afgeknipt en ongeldig gemaakt (het eerste werk voor een nieuweling).

een textielkaart
Er was een aparte buitendienst voor aanvragen van bonnen voor schoenen en textiel; deze dienst was altijd samen met de uitreiking van bonkaarten
Veel artikelen (geen levensmiddelen) moesten apart worden aangevraagd, zoals fietsbanden, schoenen, porselein en glas. In januari 1944 werd de tweede distributiestamkaart uitgereikt. Deze was eveneens grijs van basis-kleur. De opdruk en lijnen waren bruin. Bij de gezinshoofden stond aan de voorkant van de stamkaart het woordje 'hoofd' gestempeld.
 

De distributie duurde tot begin jaren vijftig van de vorige eeuw. Toen ik op 1 maart 1949 als gewoon dienstplichtige onder de wapenen werd geroepen, moest ik mijn distributiebonnen bij mijn onderdeel inleveren. Aan echtparen en kraamvrouwen werden extra bonnen uitgereikt voor speciale artikelen, zoals lakens, dekens, potten, pannen en servies. Kraamvrouwen kregen extra bonnen voor toiletzeep, luiers en dekentjes.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de nummers van de bonnen die geldig waren voor een bepaalde periode in de kranten bekend gemaakt. Ook in de winkels hingen lijsten op met deze gegevens. De huismoeders hielden de geldigheidsduur van de bonnen bij en bewaarden de stamkaarten, distributiebonnen en verzekeringspolissen zorgvuldig in een tas, die in geval van een luchtalarm werd meegenomen naar de schuilkelder. Bij het boodschappen doen hadden de huisvrouwen meestal een etuitje (van papier) waarin de geldige bonnen werden bewaard. De bonkaarten bleven thuis. Het uitreiken van de bonkaarten gebeurde veelal in het gemeentehuis. Hier zaten de distributieambtenaren achter een tafeltje waarop de nieuwe distributie- bonkaarten met dezelfde soorten op stapeltjes lagen. De afgehaalde bonkaarten werden in een code op de stamkaart afgetekend.

Een etuitje van leer waarin de bonnen werden bewaard

De zilverbon een wettig betaalmiddel

De zilverbon aan de achterzijde

Ook en wettig betaalmiddel, 1 cent van tin uit 1942


Met dank aan Wiebe Bruins uit Baarn voor de afbeeldingen van dit verhaal uit Baarn
bron: www.geulle.com

Leen Bakker

Geplaatst door L.J.A.Bakker


http://www.grijsvuur.nl

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter






woensdag 20 mei 2015

Wie herinnert zich nog de badinrichting aan de Eem?

Als u een trouwe kijker bent van de programma's van RTV Baarn op TV, dan weet u dat er regelmatig afleveringen te zien zijn uit "Het geheugen van Baarn". In dat programma worden herinneringen uit oud Baarn opgehaald. Ook in het programma "Als stenen kunnen praten" wordt de geschiedenis van Baarn in beeld gebracht. In die afleveringen wordt aandacht besteed aan bijzondere (oude) gebouwen in Baarn. Voor beide programma's wordt regelmatig onze hulp ingeroepen voor informatie en oud beeldmateriaal.



Voor een volgende aflevering zijn we op dit moment een programma over de zweminrichting aan de Eem aan het voorbereiden. Hiervoor zijn we op zoek naar mensen die daar persoonlijk herinneringen aan hebben en die daar ook wel over willen vertellen. Heeft u leuke herinneringen aan het zwembad aan de eem, heeft u er misschien zelf ook wel gezwommen? Neemt u dan alstublieft contact met ons op via email: groenegraf.baarn@gmail.com of telefoon: 035-5420804.

Alvast bedankt!

Eric van der Ent






Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

dinsdag 19 mei 2015

Piet Korver, markante Baarnaar met pensioen

Piet Korver

door Eric van der Ent


Wie kent hem niet, Piet Korver, de markante Baarnaar met groene vingers. Generaties jonge kinderen hebben les van hem gehad. Ze leerden dat groenten, fruit en bloemen niet in de fabriek gemaakt worden, maar in de natuur gekweekt worden. Piet is begin deze maand met pensioen gegaan. Zijn leven lang werkte hij met zijn vingers in de grond en hij had het niet van een vreemde. Zijn vader, Piet Korver Sr., werkte meer dan dertig jaar in het Cantonspark, waar de jonge Piet in zijn schooltijd ook nog stage gelopen heeft. In 1980 kwam Piet Jr. bij de Plantsoenendienst. Begin jaren negentig werd hij steeds meer betrokken bij de activiteiten van de Stichting Schooltuinen. Eerst als vrijwilliger, maar korte tijd later werkte hij voor 100% voor deze Stichting. De organisatiestructuur en de naam van de organisatie zou in de loop der jaren een paar keer wijzigen. Uiteindelijk resulteerde dat in ‘De Groene Inval’, waar Piet tot zijn pensioen zou blijven. Als eerbetoon aan deze markante Baarnaar wil ik graag een stukje schrijven over de geschiedenis van deze organisatie, waar zoveel generaties Baarnse kinderen hebben kunnen leren over alles wat groeit en bloeit.

Baarnse kinderen bij de waterput op het terrein
van School- en Werktuinen
Om het ontstaan van ‘De Groene Inval’ te vinden moeten we terug naar 1924. De voedselschaarste in de Eerste Wereldoorlog en de Spaanse griep in 1918 zorgden ervoor dat het gezond eten van vers etenswaar door de overheid extra gestimuleerd werd. Vanaf die tijd werden rond de steden vele volkstuincomplexen gecreëerd en ook de jeugd werd onderwezen in het tuinieren, waarbij volop geprobeerd werd ook de jeugd het belang van natuur en gezondheid duidelijk te maken. In 1924 richtte de Commissie voor School- en Werktuinen een aantal werktuinen in Nederland op waar schoolkinderen moestuintjes konden aanleggen om zo te leren over gezonde voeding en het kweken daarvan. Baarn was er al snel bij want al in datzelfde jaar werd School- en Werktuinen afdeling Baarn opgericht. Dat ging op initiatief van mevr. C. Poelman en dhr. C.G. Werner, tuinman op het Cantonspark. Eerst waren de tuintjes te vinden op het complex achter het R.K. zusterhuis aan de Kerkstraat, daar waar nu de Schilderswijk ligt. Jaren later verhuisden de tuintjes naar de Geerenweg en nog steeds zijn ze daar te vinden. Tot aan zijn pensioen in 1956 zou Carel Werner directeur van School- en Werktuinen blijven. Nog steeds denken vele oudere Baarnaars met warme gevoelens terug aan deze vriendelijke baas. Wie herinnert zich niet de prachtige optochten van de jeugd door Baarn, met prachtig versierde fietsen en paardenkarren. Op onze website zijn daar prachtige foto’s van te vinden die ons ter beschikking zijn gesteld door Daan Werner, zoon van Carel Werner. Daan is inmiddels ook alweer dik in de negentig en ook zijn hele leven in het groen actief geweest als tuinman en later als tuin- en landschapsarchitect.

Carel Gustaaf Werner (1890-1972) directeur School- en Werktuinen


De kinderen van School- en Werktuinen in 1925. Links achteraan
met hoed, Carel Gustaaf Werner
In 1959 werd Stichting School- en Werktuinen opgericht met maar liefst 270 werktuinen onder haar beheer. In 2006 werd deze stichting omgezet in de Stichting Natuur- en Milieu Centrum Baarn (st.NMC), maar het zou nog jaren duren voordat het begrip School- en Werktuinen uit de volksmond verdwenen was.

Ik ben ervan overtuigd dat Piet Korver ook de komende jaren volop herkend zal blijven worden als hij door ons dorp loopt. Vele generaties zijn opgegroeid in zijn tuintjes. Ook aan hem hebben vele Baarnaars goede herinneringen. Natuurlijk hopen we dat Piet nog vele jaren van zijn pensioen mag genieten en we wensen zijn opvolger Paul Smet heel veel succes. Dat hij maar net zo’n geliefde tuinbaas mag worden als zijn voorgangers.

Eric van der Ent






Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter